Een van de voornaamste redenen waarom (beginnende) ondernemers  voor een BV als rechtsvorm kiezen (in plaats van een eenmanszaak of een vof) is de aansprakelijkheid.

In tegenstelling tot een vof of een eenmanszaak sta je als bestuurder en/of aandeelhouder van een BV niet met je volledige persoonlijke bezit in voor mogelijke schulden die uit je zakelijke activiteiten voortvloeien.

Echter kun je als bestuurder en/of directeur-grootaandeelhouder van een BV alsnog persoonlijk aansprakelijk worden gesteld. Bijvoorbeeld als je het bestaan van de BV door onbehoorlijk bestuur in gevaar brengt.

Onbehoorlijk bestuur (2:9 BW)
Een bestuurder (of commissaris/toezichthouder) dient zijn/haar taak naar behoren te vervullen. Wat de precieze verantwoordelijkheden zijn wordt mede in de rechtspraak en door de actuele ontwikkelingen bepaald. Zo dient een bestuurder (of commissaris/ toezichthouder) onder andere te letten op:

  • de fundamentele bestuursplichten, zoals de boekhoudings- en administratieplicht;
  • het treffen van voldoende voorzieningen en/of het sluiten van toereikende verzekeringen tegen voorzienbare risico’s;
  • de kredietwaardigheid van bedrijven waar men zaken mee doet;
  • het verantwoord investeren;
  • het voeren van een goed beleid van de onderneming en hettoezicht houden daarop.

Met punt 2 wordt dus bedoeld dat als je doelbewust geen  aansprakelijkheidsverzekering hebt afgesloten, dit gezien kan worden als onbehoorlijk bestuur en je hierdoor alsnog persoonlijk aansprakelijk  gesteld kan worden.

Bron: Firm24 en Markel